Deprecated: mysql_pconnect(): The mysql extension is deprecated and will be removed in the future: use mysqli or PDO instead in /domains/filippijnengroep.nl/DEFAULT/lib/mysql.inc on line 20

Deprecated: mysql_pconnect(): The mysql extension is deprecated and will be removed in the future: use mysqli or PDO instead in /domains/filippijnengroep.nl/DEFAULT/lib/mysql.inc on line 20

Deprecated: mysql_pconnect(): The mysql extension is deprecated and will be removed in the future: use mysqli or PDO instead in /domains/filippijnengroep.nl/DEFAULT/lib/mysql.inc on line 20

Deprecated: mysql_pconnect(): The mysql extension is deprecated and will be removed in the future: use mysqli or PDO instead in /domains/filippijnengroep.nl/DEFAULT/lib/mysql.inc on line 20

Deprecated: mysql_pconnect(): The mysql extension is deprecated and will be removed in the future: use mysqli or PDO instead in /domains/filippijnengroep.nl/DEFAULT/lib/mysql.inc on line 20
Ontbossing veroorzaakt ramp na ramp
U bent hier: Voorpagina » Artikelen en Publicaties » Ontbossing en Overstromingen » Ontbossing veroorzaakt ramp...
Maandag, 23 oktober 2017 6:07:34

Deprecated: mysql_pconnect(): The mysql extension is deprecated and will be removed in the future: use mysqli or PDO instead in /domains/filippijnengroep.nl/DEFAULT/lib/mysql.inc on line 20

Ontbossing veroorzaakt ramp na ramp

Overstromingen en modderstromen by elke tyfoon

Dit artikel verscheen in het Filippijnenmagazine Tambuli van februari 2005 (jaargang 11, nummer 1).
Kijk voor meer Tambuli-artikelen op
www.tambuli.nl

Tyfoons leiden op de Filipijnen al decennialang tot overstromingen en modderstromen. Ook afgelopen december werd het land getroffen door vier tyfoons, waarbij minstens 1500 mensen omkwamen. Zowel de overheid als milieuorganisaties zien de ontbossing als oorzaak van de rampspoed. President Arroyo kondigde dan

Both watches are decorated with silver bezel frame, its design in the dashboard from the Bentley Continental GT knurled replica ebel watches bezel decoration inherited from Bentley's legendary control button ornamentation. Bentley Continental GT Chronograph pure ice includes replica blancpain watches a full-polished stainless steel case, in compliance with Bentley dazzling hues of metallic luster Bentley Continental GT replica tag heuer carrera calibre 1887 Chronograph pure ice racing following the case is matte frosted, and table-side the sprucing up one another, the underside cover engraved with relief decoration more Bentley Continental GT models profile.

ook daags na de ramp harde maatregelen aan om de houtkap te stoppen. Tot nu toe is de overheid er nooit in geslaagd de ontbossing een halt toe te roepen. Noodzaak en hebzucht, onwetendheid en willekeur bepalen de lange geschiedenis van ontbossing. Is er een weg terug?

Door Evert de Boer

Harde woorden sprak president Arroyo eind vorig jaar. De laatste tyfoon was nauwelijks over het land geraasd of ze kondigde een totaal verbod aan op het kappen van bomen in de getroffen gebieden. In de provincies Aurora en Quezon, ten oosten van Manilla, waren zeker 1500 mensen omgekomen. Tienduizenden raakten hun bezittingen kwijt door de overstromingen en de modderstromen, die het gevolg waren van de hevige regenval. Bruggen, wegen en gebouwen werden meegesleurd.
Jaarlijks razen tien tot vijftien tyfoons over het land. Tussen 1971 en 2000 kwamen tenminste 34.000 mensen om als gevolg van ruim 250 tyfoons. De grootste ramp vond plaats in 1991 aan de westkant van het eiland Leyte. Een rivier vernielde een groot deel van de stad Ormoc, waarbij ruim zesduizend mensen om het leven kwamen.
Sindsdien zijn naar schatting 35 miljoen mensen getroffen door de gevolgen van tyfoons. Keer op keer gaan oogsten verloren en raken mensen hun bestaansmiddelen en onderdak kwijt. Al decennialang wijzen natuur-en milieuorganisaties erop dat de grootschalige ontbossing op de Filipijnen het land kwetsbaar maakt voor tyfoons en de ermee gepaard gaande regens. De milieuorganisatie Haribon waarschuwt al jaren dat door het verdwijnen van het bos de grond niet in staat is het water vast te houden. 'Bij hevige regenval neemt het water de grond mee. Die grond komt terecht in rivieren, die daardoor minder water kunnen afvoeren. Wanneer er dan meerdere tyfoons in korte tijd over een zelfde gebied trekken, zoals eind vorig jaar, dan leidt dat tot een ramp. Grote hoeveelheden water stromen direct naar beneden en ondiepe rivieren veranderen in woeste stromen die alles op hun weg meenemen.'
Ook de overheid erkent het probleem van de ontbossing. Toch slaagde ook president Arroyo er niet in een eind te maken aan de commerciële houtkap, die als grootste oorzaak van de ontbossing wordt gezien. Protesten van houtkapbedrijven verhinderden haar een kapverbod voor het hele land uit te vaardigen. Wel gaf Arroyo het bevel aan politie en leger een eind te maken aan de illegale houtkap. Als het aan de president ligt moet illegaal kappen beschouwd worden als een zware misdaad waar de doodstraf op staat. Haar 'harde maatregelen' blijven echter steken in 'mosterd na de maaltijd'. Na iedere ramp spreken politici ferme taal, maar van een preventief beleid is, net als nu, geen sprake.

  Belangen
De huidige schaal van ontbossing is niet van de ene op de andere dag ontstaan. De wetenschappelijke organisatie ESSC (Environmental Science for Social Change) legt de schuld al bij de vroegere koloniale machten. Bij de komst van de Spanjaarden in 1521 waren de Filipijnen naar schatting voor 92 procent bedekt met bossen. Het is nu bijna niet meer voor te stellen, maar zelfs de centrale laaglanden van Luzon en Mindanao waren bedekt met bossen. De bevolking leefde vooral in de kustgebieden. Hout was nodig voor de bouw van schepen en een bescheiden grondontginning.
Met de groei van de bevolking maakten grote delen bos plaats voor landbouwgrond. Later werden er ook bossen gekapt voor de aanleg van commerciële plantages met abaca (touwvezel), tabak en suikerriet. In de tweede helft van de negentiende eeuw nam de ontbossing op Cebu en Bohol zulke ernstige vormen aan dat de Spanjaarden beseften dat kaalslag schade aanrichtte aan het land.
In de vorm van concessies zetten ze een eerste stap naar regulering van de houtkap. Alleen vergunninghouders mochten in een bepaald gebied kappen. In gebieden die al grotendeels waren ontbost, werd een kapverbod ingesteld.
Het systeem van concessies werd aan het begin van de twintigste eeuw ook gehanteerd door de Amerikanen, die een aanvang maakten met de systematische exploitatie van de bossen. Ze zagen het als rijke bron van inkomsten, want destijds was de vraag naar goede houtsoorten in Noord-Amerika en Europa groot. Modernisering van de houtkapindustrie kreeg de hoogste prioriteit. Het gekapte areaal aan bossen steeg van 5.000 tot 150.000 hectare per jaar. Binnen vijftig jaar rooiden de Amerikanen meer bos dan de Spanjaarden in ongeveer vierhonderd jaar.
Ook de opeenvolgende Filipijnse regeringen treft schuld. Ze verleenden op grote schaal kapvergunningen, onder de naam TLA's (Timber License Agreements). De uitgifte van TLA's steeg explosief onder het bewind van ex-dictator Marcos. Het waren de gouden jaren van de houtkapindustrie, die werd beheerd door zo'n tweehonderd families. Jaarlijks werd 300.000 hectare bos gekapt. Tussen 1960 en 1980 stonden de Filipijnen op de vijfde plaats van houtexporterende landen. De inkomsten uit de houtexport bedroegen 35 procent van de totale export.
De houtkap was zo lucratief dat politici concessies gingen verwerven en vergunninghouders in de politiek gingen. Daardoor ontstond er een grote verwevenheid tussen de politiek en de houtkapindustrie. Het gevolg was dat de industrie controle kreeg over de uitgifte van concessies en invloed uitoefende op politieke beslissingen over de exploitatie en bescherming van de bossen. Deze invloed is in de loop van de jaren wel enigszins verminderd, maar zeker niet verdwenen.

  Herbebossing faalt
Na 1985 liep het tempo van de ontbossing terug. Dat is niet verwonderlijk, want er was nog slechts een kwart van alle bossen over. De regering stelde herbebossing van de gekapte gebieden verplicht. Maar in plaats van over te gaan tot herbeplanting rapporteerden de houtkapbedrijven veel te lage gegevens over hun houtproductie en -export of rapporteerden herbebossing die niet was uitgevoerd. Veel van dit geld is door de houtkapbedrijven in eigen zak gestoken zonder ook maar een boom te planten. Het geld voor de herbebossingsprojecten komt uit leningen die de regering heeft afgesloten bij de Wereldbank en de Aziatische Ontwikkelingsbank. In totaal heeft de regering 29 miljard peso (415 miljoen euro) geleend. De jaarlijkse rente en aflossing bedraagt 2,7 miljard peso (38 miljoen euro).
Het ministerie van milieu en natuurlijke hulpbronnen (DENR) beschikt niet over middelen om effectief controle uit te oefenen. Herbebossingsprojecten die wel worden uitgevoerd bestaan vaak uit een monocultuur van snelgroeiende en exotische boomsoorten. Deze dragen niet bij aan een herstel van de biodiversiteit en wortelen niet diep genoeg om erosie tegen te gaan.
Ook pogingen in het Congres om, na de val van Marcos, tot wetgeving te komen die de houtkap moet reguleren, leverden weinig op. Alleen in gebieden met een bebossingsgraad van minimaal 40 procent geldt een selectieve houtkap. Een uitzondering vormt Palawan, waar een totaal kapverbod voor 25 jaar van kracht is. De macht van de houtkapindustrie en haar verwevenheid met de politiek bleek nog steeds zeer groot te zijn.
Deze bescheiden maatregelen hadden toch tot gevolg dat de illegale houtkap toenam. Diverse onderzoeken, waaronder die van het Filipijns Centrum voor Onderzoeksjournalistiek wijzen op de betrokkenheid van het NPA (Nieuwe Volksleger) bij de houtkap. Ze innen miljoenen peso aan revolutionaire belastingen op zowel legaal als illegaal gekapt hout. Ook voor toezicht op de illegale houtkap ontbeert het DENR de middelen. Er zijn slechts drieduizend ongewapende boswachters die ieder toezicht moeten houden op ruim tweeduizend hectare bosgebied. Bovendien zijn ze zo slecht betaald, dat omkoping regelmatig voorkomt.
Ook de explosieve groei van de bevolking en de daardoor toenemende behoefte aan landbouwgrond en brandstof hebben geleid tot het in snel tempo verdwijnen van de bossen. De ESSC verwijt de regering een slecht bevolkingsbeleid te hebben gevoerd. Bovendien heeft het sociaal-economische beleid een groot deel van de bevolking in armoede gestort. Daartoe aangespoord door de regering, trekken veel mensen naar gebieden waar al bomen gekapt zijn.
Deze landarbeiders en kleine boeren zorgen voor verdere kaalslag. Ze brengen de grond in cultuur of passen zwerflandbouw toe. Het resterende hout gebruiken ze als brandstof of ze maken er houtskool van om te verkopen.

  Redding
Veel reden tot optimisme is er niet. Toch heeft de ESSC een brochure uitgegeven waarin zij een reeks maatregelen voorstelt die de ontbossing een halt kan toeroepen. Dat dit nodig is, daar twijfelt de organisatie niet aan. De ontbossing leidt niet alleen tot overstromingen, maar ook tot vermindering van het landbouwareaal en een teruglopende agrarische productie. Door de kaalslag spoelt vruchtbare landbouwgrond immers weg. Vooral kleine boeren zijn hiervan het slachtoffer.
Daarnaast wijst de ESSC op de gevolgen voor de drinkwatervoorziening. De opbrengsten van waterwingebieden verminderen en de kwaliteit van het water gaat achteruit. Steden als Manilla, Cebu en Davao kampen in toenemende mate met grote watertekorten. Tenslotte levert ontbossing ook een bijdrage aan het broeikaseffect. Minder bomen betekent minder opname van het schadelijke koolzuurgas, terwijl de productie van zuurstof afneemt.
Al deze nadelige gevolgen van ontbossing vragen om een radicale koersverandering, meent de ESSC. Allereerst dient er een totaal verbod te komen op het kappen van oorspronkelijk bos. Dit moet de status krijgen van beschermd gebied. Niet alleen om het bos te behouden, maar ook omdat de zaden uit die bossen nodig zijn voor het kweken van jonge bomen voor de herbebossingsprogramma's. In secundaire bossen zijn deze zaden niet te vinden.
Daarnaast moeten de vergunningen van alle houtkapbedrijven worden ingetrokken. Alleen in secundaire bossen mag nog selectief worden gekapt door bedrijven die hebben aangetoond dat ze zorgvuldig kappen en dat ze zich houden aan afspraken over herbebossing.

De regering moet programma's opzetten voor herbebossing en bosbeheer, waarbij lokale gemeenschappen en inheemse volkeren een centrale rol spelen. De programma's moeten voor hen inkomsten opleveren. Er moeten premies komen die zwerflandbouw en het platbranden van lichtbeboste gebieden voorkomen. Voor de productie van commercieel te exploiteren hout moeten plantages worden opgezet die onder strikte voorwaarden werken. Ook aan mijnbouwbedrijven moeten beperkingen worden opgelegd, zodat hun activiteiten het bos niet aantasten en het grond- en rivierwater niet vervuilen.

Alleen dit hele pakket aan maatregelen kan ertoe leiden dat het areaal aan bos zich binnen tien jaar zal stabiliseren. Zonder deze geïntegreerde aanpak, zo meent de ESSC, is er over tien jaar nog geen twee miljoen hectare bos over. Dat is een derde van het bosgebied in 2000.

 


Deprecated: mysql_pconnect(): The mysql extension is deprecated and will be removed in the future: use mysqli or PDO instead in /domains/filippijnengroep.nl/DEFAULT/lib/mysql.inc on line 20
© auteursrecht 2005 Stichting Filippijnen Groep Nederland.